Maar u hebt ook in Sardis enkele personen die hun kleren niet bevlekt hebben, en zij zullen met Mij wandelen in witte kleren, omdat zij het waard zijn. Openbaring 3:4.
God zij dank dat Hij in staat is Zijn volk op een plaats te houden waar zij hun klederen niet bezoedelen. Als wij aan Christus onderworpen zijn, worden we onbevlekt gehouden van de wereld. "Dan zullen wij kennen, wij zullen ernaar jagen de HEERE te kennen! Zijn verschijning staat vast als de dageraad" (Hosea 6:3). Wij moeten steeds verder gaan. We mogen niet in tevredenheid rusten bij de mogelijkheden en de kennis die we vandaag hebben. Alle inwoners van het heelal kijken toe, terwijl God in deze laatste dagen een volk toebereidt om in het oordeel te staan. Laten we God vragen om ons te bekleden met de mantel van Christus’ gerechtigheid, opdat wij zouden voorbereid zijn op de komst van de Zoon des mensen.
Van diegenen die hun klederen niet bevlekt hebben, zegt Christus: "Zij zullen met Mij wandelen in witte kleren, omdat zij het waard zijn". Door het oneindige offer dat voor ons gebracht werd, hebben we een overvloed van genade. God heeft er voor ons een hele hemel vol van. Het enige wat Hij vraagt is dat wij door een levend geloof Zijn beloften in ontvangst nemen, zeggende: "Ik geloof. Ik aanvaard echt de zegeningen die Gij hebt voor diegenen die U liefhebben."
"Wie overwint, zal bekleed worden met witte kleren en Ik zal zijn naam beslist niet uitwissen…" – och, hoe kostbaar is dat "niet" – "Ik zal zijn naam beslist niet uitwissen uit het boek des levens, maar Ik zal zijn naam belijden voor Mijn Vader en voor Zijn engelen"(Openbaring 3:5). Wanneer de poorten van Gods stad opendraaien op hun schitterende scharnieren, en de volken die de waarheid hielden binnentreden, zal Christus er zijn om ons te verwelkomen, om ons de gezegenden van de Vader te noemen, want we hebben overwonnen. Hij zal ons voor de Vader verwelkomen, en voor Zijn engelen. En terwijl we het koninkrijk van God binnengaan, om daar de eeuwigheid door te brengen, zullen de beproevingen, de moeilijkheden en de verwikkelingen die we hier gehad hebben, wegzinken in het niets. Ons leven zal gedeeld worden met het leven van God.
The General Conference Bulletin, April 6, 1903.
This devotional is taken from Ye Shall Receive Power by Ellen G. White.



Reacties