En Hij sprak ook een gelijkenis tot hen met het oog daarop dat men altijd moet bidden en niet de moed verliezen. Lucas 18:1.
We mogen ons in onze (geloofs)ervaring nooit ontdoen van de hulp die onze eerste start mogelijk maakte. De zegeningen die wij ontvingen tijdens de vroege regen, hebben wij tot op het einde nodig. Enkel deze zegeningen echter, zullen niet volstaan. Terwijl we de zegen van de vroege regen koesteren, mogen we aan de andere kant ook de late regen niet uit het oog verliezen. Zonder deze late regen (die de korenaren doet uitzetten, en het graan laat rijpen), zal de oogst niet klaar zijn voor de sikkel, en zal het werk van de zaaier tevergeefs zijn geweest. Goddelijke genade is nodig aan het begin, goddelijke genade is vervolgens nodig bij iedere stap voorwaarts, en enkel goddelijke genade kan het werk voltooien.
Het past niet dat wij zorgeloos aan het rusten gaan. We mogen nooit de vermaningen van Christus vergeten: "Wees waakzaam op het gebed", "Waakt te allen tijde, biddende" (Lukas 21:36; NBG). Een verbinding met het goddelijke op elk moment is essentieel voor onze vooruitgang. We kunnen een beperkt gedeelte van Gods Geest hebben, maar we moeten voordurend streven om meer met de Geest vervuld te worden. Het zal nooit genoeg zijn, om te kunnen stoppen met onze inspanningen. Als we niet vooruitgaan, als we onszelf niet in een houding plaatsen om zowel de vroege als de late regen te ontvangen, zullen we onze ziel verliezen, en die verantwoordelijkheid zal aan onze eigen deur komen te liggen.
"Vraag de HEERE om regen ten tijde van de late regen" (Zacharia 10:1). Vertrouw er niet op dat de regen wel zal vallen in het normale verloop van het seizoen. Vraag erom. De groei en volmaking van het zaad komt niet aan de landman toe. God alleen kan de oogst laten rijpen. De samenwerking van de mens is echter nodig. Gods werk voor ons vereist de inzet van onze geest en de beoefening van ons geloof. We moeten met ons hele hart uitzien naar Zijn gunsten, als we de uitstorting van genade op ons verwachten.
We zouden van elke gelegenheid gebruik moeten maken om onszelf in een stroom van zegen te plaatsen. Christus zei: "Want waar twee of drie in Mijn Naam bijeengekomen zijn, daar ben Ik in hun midden" (Matteüs 18:20). De grotere samenkomsten van de kerk (zoals kampvergaderingen), de vergaderingen van de huiskerk, en alle gelegenheden waar er persoonlijk werk is voor zielen, zijn Gods aangewezen gelegenheden om de vroege en de late regen te geven.
The Review and Herald, March 2, 1897.
This devotional is taken from Ye Shall Receive Power by Ellen G. White.



Reacties