Dan zult u roepen en de HEERE zal antwoorden, dan zult u om hulp roepen en Hij zal zeggen: Zie, hier ben Ik. Als u het juk uit uw midden wegdoet, het uitsteken van de vinger en het uitspreken van ongerechtigheid; als u uw hart opent voor de hongerigen, en de verdrukte ziel verzadigt, dan zal uw licht in de duisternis opgaan, en uw donkerheid als de middag zijn. Jesaja 58:9, 10
Laat allen die beweren Gods geboden te houden, ernstig aandacht besteden aan deze kwestie, en zien of er geen redenen zijn waarom zij niet meer bezitten van de uitstorting van de Heilige Geest. Hoevelen zijn er niet die zichzelf overschatten! Zij denken dat zij in de gunst staan bij God, maar zij verwaarlozen de mensen in nood, zij zijn doof voor het geroep van de verdrukte, en spreken scherpe, snijdende woorden tot hen die een heel andere behandeling behoeven. Zo grieven zij dagelijks God door de hardheid van hun harten. Deze beproefde mensen hebben recht op de sympathie en belangstelling van hun medemensen. Zij hebben recht op hulp, troost, en Christelijke liefde. Maar dat is niet wat zij ontvangen.
Elke verwaarlozing van Gods lijdende kinderen wordt opgetekend in de hemelse boeken alsof het Christus zelf werd aangedaan. Laat elk lid van de gemeente het eigen hart en zijn manier van doen grondig onderzoeken om na te gaan of deze in overeenstemming zijn met de Geest en het werk van Jezus; want indien niet, wat kan hij zeggen wanneer hij voor de Rechter van de hele aarde komt te staan? Kan de Here tot hem zeggen, "Kom, gezegenden van Mijn Vader, beërf het Koninkrijk dat voor u bestemd is vanaf de grondlegging van de wereld" (Matteus 25:34).
Christus heeft de belangen van de lijdende mensheid tot de Zijne gemaakt; en terwijl Hij verwaarloosd wordt in de persoon van Zijn lijdende kinderen zullen al onze samenkomsten, al onze vergaderingen, en de hele organisatie die is opgezet om Gods werk te doen vooruit gaan, weinig opbrengen. "Deze dingen zou men moeten doen en die andere dingen niet nalaten" (Lukas 11:42). "u bent gewogen in de weegschaal en u bent te licht bevonden" (Daniël 5:27).
Allen die heilig zullen zijn in de hemel, zullen het eerst zijn op de aarde. Zij zullen niet hun eigen ingevingen volgen, zij zullen niet werken om lof te oogsten, noch ijdele woorden spreken of met hun vinger wijzen om te veroordelen en te verdrukken; maar zij zullen het Licht des Levens volgen, licht verspreiden, troost geven en hoop en bemoediging brengen tot hen die in nood zijn, en hen niet verwijten of afkeuren.
The Review and Herald, August 4, 1891.
This devotional is taken from Ye Shall Receive Power by Ellen G. White.



Reacties